Nodaal Europa - door Jelle van Buuren
Door Jelle van Buuren van Eurowatch
‘Nu breken voor jou eindelijk gouden tijden aan,’ voorspelden vrienden en kennissen enthousiast toen het stof van het Nederlandse ‘Nee’ tegen de Europese Grondwet-die-geen-grondwet-genoemd-mocht-worden enigszins was neergedwarreld. Politici, opiniemakers en mediadeskundigen waren immers eenduidig in hun opinie: het ‘Nee’ moest worden geïnterpreteerd als een schreeuw om meer informatie en discussie over Europa. En die schreeuw zou serieus genomen worden. Zelf schreef ik al een jaar of tien tegen de klippen op over Europees veiligheidsbeleid: politiesamenwerking, Schengen, Europol, inlichtingensamenwerking, migratiebeleid en het palet aan surveillancemaatregelen dat onder Europese vleugels tot stand kwam. Talloze primeurs kon ik op mijn naam schrijven, althans: primeurs in de zin dat ik als eerste het nieuws bracht. Maar een primeur is pas een primeur, vertelde een oude journalistieke rot me, als andere media dat nieuws zélf als eerste hadden willen brengen. Quod non.
Maar dat zou nu allemaal veranderen. Ik geloofde er eerlijk gezegd weinig van. Al jarenlang hoorde ik voorspellingen dat Europa nu echt ook de journalistieke wereld zou gaan veroveren; het kon toch immers niet voortduren dat tientallen journalisten dagelijks elke millimeter op het Binnenhof afgraasden, terwijl Brussel, waar steeds vaker belangrijke beslissingen werden genomen, het werkterrein bleef van een enkele journalist die ook de NAVO en de Belgische politiek nog in de portefeuille had zitten? Maar die situatie bleek heel goed te kunnen blijven voortbestaan. Tot op de dag van vandaag. Dus schoof ik maar weer als enige journalist aan bij het tweemaandelijkse Europese justitieoverleg in Den Haag, waar een paar slecht voorbereidde en slecht geïnformeerde Kamerleden een karikatuur van parlementaire controle ten beste gaven. Met als enige troost dat ik via via te horen had gekregen dat ik – grootverbruiker van de Europese Wet Openbaarheid van Bestuur – in Brussel tot de ‘ten most annoying people’ bleek te worden gerekend. Je moet je toch ergens aan vasthouden.
Europa blijft een journalistieke nachtmerrie. Natuurlijk, dat komt deels door de politiek die er geen brood van weet te bakken. En natuurlijk, het komt door de ondoorzichtige Brusselse beleidsmachine, waardoor belangenconflicten, machtsstrijd, beïnvloeding en politieke spelletjes onzichtbaar blijven. Maar dat is niet het enige. Journalisten blijken moeite te hebben om te begrijpen hoe Europa ‘werkt’. Europa wordt of met een exclusief Nederlandse bril bekeken, of men richt zich op Brussel. Terwijl – zeker op mijn thema’s – Europa zich feitelijk daartussen beweegt. Europa is wat in wetenschappelijke kringen een vorm van ‘nodale samenwerking’ wordt genoemd: een netwerk van tal van organisaties, (informele) clubjes, overlegorganen, informatie-uitwisselingsafspraken, databanken, verbindingsofficieren en uitvoerende diensten dat zich in, naast, onder en boven Den Haag en Brussel ontwikkelt en ‘Europa’ handen en voeten geeft. Europa kent geen eenduidig machtscentrum.
Dat vraagt om een nodaal journalistiek antwoord. De uitdaging voor Europese onderzoeksjournalistiek ligt in het creëren van Europese journalistieke netwerken. Ontrafel eens een grensoverschrijdend opsporingsonderzoek met journalisten uit meerdere landen. Reconstrueer eens de Europese besluitvorming over een bepaalde zaak vanuit alle niveaus die er toe doen. Roept de Nederlandse minister van Justitie dat in een bepaald dossier Duitsland zich onbuigbaar opstelt? Schakel je Duitse collega in en achterhaal of dat wel klopt, en hoe in Duitsland de Nederlandse opstelling wordt beoordeeld. Verkondigt het Nederlands Forensisch Instituut trots dat dankzij nieuwe Europese afspraken over DNA-uitwisseling wel honderd ‘hits’ zijn gevonden met Spanje? Zoek de samenwerking met Spaanse onderzoeksjournalisten en achterhaal wat er met die ‘hits’ gebeurt en tot wat voor zaken dat leidt. Wordt zwaar verontreinigd afval dwars door Europa getransporteerd om te worden gedumpt in Somalië? Achterhaal de transportlijnen, het (falend) toezicht door verschillende opsporingsdiensten, de corrupte grensbewakers, de gaten in het toezicht en de controle. Dat lukt je niet in je uppie. Dat lukt je zelfs niet als je tot een stevige onderzoeksredactie behoort. Dat lukt alleen door Europese samenwerking. Samenwerking van onderop: dat blijft toch de mooiste vorm van Europese integratie. Ook voor onderzoeksjournalisten.