SXSW: denken over het journalistieke ecosysteem

Geplaatst op 19 maart 2009 door Erik Van Heeswijk onder SXSW, UGC, Zonder categorie, verslag

Het zijn gouden tijden voor taxichauffeurs in Austin, Texas. Vanaf half maart wordt de stad overspoeld met bezoekers voor een van de grootste mediafestivals in de wereld: South by Southwest (SXSW). Wat begon als een evenement voor de muziek- en filmindustrie kent inmiddels ook een indrukwekkende afsplitsing voor nieuwe media. Duizenden ‘Interactive People’ discussiëren met honderden toppers uit de wereld van internet, mobiel en games. De journalistiek laat zich er aarzelend zien. De New York Times bespreekt haar overlevingsstrategie voor de toekomst, de Amerikaanse Publieke omroep PBS flirt met bloggers.

De lezingen waar men kan binnenlopen variëren van “Help, mijn baas begrijpt niet wat Web 2.0 is!” tot en met “Hoe verdien ik geld met mobiel?”. De overvolle zalen zuigen het allemaal op: van trendgevoelige onzin (“Hoe is mijn online karma?”) tot en met essentiële vragen voor de toekomst van de media (“Wat moeten kranten met het web?”).

Maar voor wie eens door de onderwerpenlijst grasduint, valt al snel één ding op: zeker de helft gaat over User Generated Content. Journalisten die denken dat dat gedoe met community’s en publiek wel zal voorbijdrijven, zullen de komende jaren een veilig heenkomen moeten zoeken.

Want als publiek en panelleden het ergens over eens zijn, dan is het dat interactie nog slechts aan het begin staat van wat het vermag. Sites als Facebook en Twitter worden oppermachtig, Google is het al, en als de traditionele journalistiek daarop geen antwoord formuleert gaat het de aansluiting met het publiek missen. Natuurlijk, anno 2009 is ook het realisme ingedaald, niet elke community levert iets van waarde of geld op. Er zijn ook eindeloze hoeveelheden met rommel. Daarom worden ook lange sessies gevuld met tips en trucs: hoe komt echte kwaliteit boven drijven? Met name Derek Powazek (Blogger, Technorati) geeft een aantal nuttige designtips. Geen methode wordt onbesproken gelaten.

Het is lastig om kwaliteit te bieden, maar enorme kracht van de beweging zelf staat niet meer ter discussie. Wat overblijft is de poging van Steven Johnson in ‘The Ecosystem of News’ om de plaats van de journalistiek opnieuw te definiëren. Het klassieke maar goed vertelde antwoord: journalisten zijn er om die grote hopen met informatie te filteren en een podium te geven, en om dat te doen wat individuele bloggers meestal niet kunnen: uitgebreid onderzoek doen. Punt. Gewoon doen.

Één van de centrale vragen voor de journalistiek echoot door de zalen: welke rol gaat de journalistiek spelen in de ordening van de informatiemaatschappij? Een term om te onthouden is deAPI’. Het principe is simpel: de databases van de toekomst zijn er niet alleen om informatie op te slaan, ze gaan onderling steeds meer informatie uitwisselen met simpele technische protocollen. Zo wordt het steeds eenvoudiger om een site te maken die zowel de filmtrailers van de New York Times bevat, plus de filmtitels van je lokale videotheek en de laatste artikelen van de bloggers in je buurt: naar welke films gingen zij en hoe goed waren die volgens de krant? De communitysite Facebook gebruikt de praatsite Twitter om te laten zien waar je vrienden mee bezig zijn, en Twitter gaat de foto’s uit je Flickr account naar hen toeduwen. Alles hangt met alles samen. In de wereld van de informatie houdt niemand meer de kaarten voor de borst, niet meedoen is sterven. En dat geldt niet alleen voor bibliotheken, Google, gemeenten en musea, maar ook voor ons, journalisten. De New York Times en de Amerikaanse publieke omroep hebben dat - gezien hun workshop ‘Get Me Rewrite! Developing APIs and the Changing Face of News’ al gezien.

Het klinkt technisch en futuristisch, maar de gevolgen zullen de komende jaren voor iedereen zichtbaar worden. De ontsluiting van kwaliteitsinformatie uit alle hoeken en gaten gaat ervoor zorgen dat er heel krachtige combinaties gemaakt kunnen worden, die zelfs journalistiek gaan aanvoelen. Geen nood als je dat niet helemaal begrijpt, dat doen wij ook niet. Maar stof tot nadenken: wat gebeurt er als bijvoorbeeld Misdaadkaart.nl kan linken naar elke internetter die artikelen of foto’s plaatst van de gebeurtenis? Biedt de lokale journalistiek daarbovenop echt meerwaarde? En welke?

Toegegeven, de klassieke valkuil loert hier ook in elke hoek van dit enorme congrescentrum: nemen wij, goeroes en nerds, niet onterecht ons eigen mediagedrag als leidraad voor de toekomst? Is het ‘algemene publiek’ (je weet wel, die mensen zonder iPhone) hier wel voldoende vertegenwoordigd om ons de les te lezen over wat zij willen? Een punt van aandacht voor de rondetafelgesprekken, hier op SXSW.

Erik van Heeswijk is hoofd van VPRO Digitaal

Dit was aflevering 1 in een drieluik over SXSW en de toekomst van de media. Dit artikel verscheen oorspronkelijk op Villamedia. Meer uitgebreide en live evenementverslaggeving door Nederlandse aanwezigen vind je op http://sxswnl.posterous.com/

2 Reacties op “SXSW: denken over het journalistieke ecosysteem”

  1. [...] was aflevering 2 in een drieluik over SXSW en de toekomst van de media. Deel 1 vind je hier. Dit artikel verscheen ook op Villamedia. Meer uitgebreide en live evenementverslaggeving door [...]

  2. [...] SXSW: denken over het journalistieke ecosysteem March 18th, 2009 Goto comments Leave a comment Het zijn gouden tijden voor taxichauffeurs in Austin, Texas. Vanaf half maart wordt de stad overspoeld met bezoekers voor een van de grootste mediafestivals in de wereld: South by Southwest (SXSW). Wat begon als een evenement voor de muziek- en filmindustrie kent inmiddels ook een indrukwekkende afsplitsing voor nieuwe media. Duizenden ‘Interactive People’ discussiëren met honderden toppers uit de wereld van internet, mobiel en games. De journalistiek laat zich er aarzelend zien. lees meer: SXSW: denken over het journalistieke ecosysteem [...]

Laat een reactie achter