Zuinig is duur: Hoe Volkswagen stopte met de productie van zuinige auto’s
Een aantal autofabrikanten heeft de afgelopen jaren geëxperimenteerd met auto’s die een stuk zuiniger zijn dan er gewoonlijk op de markt komt. Maar succesverhalen zaten er niet bij.

Zo kwam Volkswagen met de Lupo 3L. Het autootje reed 1 op 33, en was op dat moment de zuinigste auto op de markt. Het beperkte verbruik werd vooral bereikt door het omlaag brengen van het gewicht; de auto was voor een deel van aluminium gemaakt.
Maar daar zat meteen het probleem. Volkswagen moest een nieuwe fabriek bouwen, speciaal voor de zuinige Lupo. Daardoor werd de auto een paar duizend euro duurder dan de reguliere Lupo, die ook gewoon in de verkoop bleef. Die hogere prijs verdiende de koper pas na jaren terug. De Lupo 3L werd geen groot succes. Wereldwijd werden er slechts 27.000 stuks verkocht, terwijl op het dubbele gerekend was.
Ook Audi experimenteerde met een zuinige auto. Een variant op de A2, die ook 3 liter verbruikte per 100 kilometer, viel eenzelfde lot als de Lupo ten deel.
Naar aanleiding van de mislukking met de Lupo 3L besloot Volkswagen ook het project voor een auto van 1 op 100 stop te zetten. De productiekosten zouden zo hoog worden, dat de auto meer dan 20.000 euro zou gaan kosten.




