Om half acht gisteravond was het zo ver. In een mudjevolle persconferentiezaal legden LeRoy Cain, voorzitter van het mission management team en Doug Lyons, de launch director uit wat er nou aan de hand is met de Shuttle. Inmiddels is de lanceertijd officieel zaterdag 15:43, ofwel 21:43 Nederlandse tijd. Volgens de weermensen is er dan 60 procent kans op goed lanceerweer.
Aan hun strakke gezichten van de NASA-officials viel te raden waarom we zo lang hebben moeten wachten: de discussies, onder grote druk om te lanceren, moeten tot even voor de persconferentie geduurd hebben. Vooral Doug Lyons zag er afgepeigerd uit. “De lancering is uitgesteld tot zaterdag op zijn vroegst. We willen er in ieder geval nog een nacht over slapen”, zei Cain.
Tijdens het vullen van de waterstoftank in de grote External Tank dook er een probleem op met twee van de vier Engine Cutoff (ECO)-sensors. Dat zijn sensoren op de bodem van de tank die voelen of de brandstof vroeger dan verwacht bijna op is, zodat de boordcomputer de motoren kan uitschakelen. Het centrale deel van de raketmotor is een turbopomp die bizarre hoeveelden brandstof verpompt. Als die ineens droog komt te staan, geeft dat een schokgolf, vergelijkbaar met de ‘klonk’ die je hoort als je een snellopende badkamerkraan ineens dichtdraait. Die klap zou de motor op kunnen blazen of tenminste kunnen beschadigen. Daarnaast dient de superkoude raketbrandstof als koelvloeistof, en een ongekoelde raketmotor blijft ook niet lang heel.
(Ik vraag me eigenlijk wel af of het geen probleem is om de motoren zomaar uit te zetten, die zitten daar toch ook niet voor niets. Maar een brandstoftekort zal waarschijnlijk sowieso pas laat in de vlucht optreden, en er is ook nog een noodlandingsscenario in Spanje. Ik zal het eens vragen.)
Hoe dan ook: De ECO-sensoren zijn al maanden een probleem, ook bijvorige lanceringen, dus er is extra apparatuur geïnstalleerd die de ECO-sensoren weer in de gaten houdt. Die gaven tijdens het voltanken een waarschuwing. Daarom werd, als test, de tank weer geleegd. Twee van de vier ECO-sensoren bleven aangeven dat ze ‘nat’ waren. De launch commit criteria, de veiligheidsregels over wanneer een lancering door mag gaan, zeggen dat tenminste drie van de vier het moeten doen. “We waren in duidelijke overtreding van die regels, dus heb ik het advies gegeven de lancering af te gelasten”, zei lanceerbaas Lyons.
Uit de gegevens is op te maken dat het waarschijnlijk niet aan de sensor zelf ligt, maar aan een kortsluiting ergens in de apparatuur die de gegevens doorzendt naar de boordcomputer. Dat gerucht klopte dus in ieder geval.
Cain hield een ingewikkeld verhaal over het in kaart brengen van opties en mogelijke risicoprofielen van alternatieve scenario’s, dat erop neerkomt dat NASA misschien ondanks het probleem wil lanceren, op zaterdag.
Een team studeert al maanden op de vraag of het probleem misschien omzeild kan worden. Bijvoorbeeld door, mochten alle vier sensoren uitvallen, de astronauten de motoren zelf uit te laten schakelen na een bepaalde tijd. Cain: “Dat team had geen deadline, maar die deadline is nu morgen. Ze moeten er een nachtje over slapen. Misschien dat ze dan nog operational workarounds vinden waar we nu niet aan denken.”
Uit zijn lichaamstaal - hoofdschudden en fronsen - leek dat ondergeschikte Lyons daar weinig in zag, maar ook hij had het over alle opties open houden en de goede sfeer in het lanceersteam. Uit het publiek, vooral journalisten van Amerikaanse ruimte- en luchtvaartbladen, kwamen veel kritische vragen. NASA en de Shuttle hebben een pijnlijke geschiedenis met het negeren van bekende problemen. De Space Shuttle Challenger ontplofte in 1986 door problemen met de afdichting van de booster-raketten, waarover technici al lang alarmberichten hadden afgegeven. En Space Shuttles hadden al sinds de allereerste lancering in1981 te kampen met het vallende schuim dat de vleugelrand van het ruimteveer Columbia in 2003 beschadigde, waardoor het bij terugkeer in de dampkring met bemanning en al verbrandde.
Aan de andere kant: de Shuttle, wel eens de ingewikkeldste machine op aarde genoemd, bestaat uit miljoenen onderdelen, waarvan er heel veel als reservesysteem bedoeld zijn. Er is altijd wel iets dat het niet helemaal 100 procent doet. Als er geen extra apparatuur geïnstalleerd was om de ECO-sensoren te monitoren, zoals op eerdere vluchten, was het probleem helemaal niet opgemerkt.
De druk om te lanceren is enorm. Niet alleen is uitstel peperduur, maar ook is de agenda van de Shuttle tot de pensioneringsdatum in 2010 loeistrak volgepropt, vooral om het internationaal ruimtestation af te bouwen.
Als er iets aan de Shuttle moet gebeuren, moet hij teruggebracht worden naar de hangar, de 160 meter hoge Vehicle Assembly Building, wat hoe dan ook weken gaat kosten. Zulk uitstel betekent tekortschieten in de verplichtingen aan ISS-partners.
“We hebben morgen een meeting om twee uur”, sloot Cain af, “en we verwachten dat dat geen korte meeting zal worden, dus we zien u weer om vijf uur.” Onder voorbehoud natuurlijk.