Experiment in de politieverhoorkamer
Advocaten in de regio’s Rotterdam en Amsterdam mogen vanaf vandaag bij het eerste verhoor zijn van iemand die verdacht wordt van moord of doodslag. Verstokte kijkers van Amerikaanse rechtbankseries zullen verbaasd zijn dat dit tot nog toe niet in Nederland gebeurde, toch is het zo. Een Kamermeerderheid drong al in 2006 aan op de aanwezigheid van een advocaat bij eerste verhoren. Aanleiding hiervoor waren o.a. de verhoren in de Schiedammer Parkmoord en de Puttense moordzaak, toen verdachten onder grote druk van de opsporingsambtenaren bekenden. Verschillende partijen, waaronder het OM, de politie en de Orde van Advocaten hebben lang onderhandeld over de invulling van de proef. Lotje van den Puttelaar, waarnemend deken van de Orde van Advocaten, is blij met het resultaat, dat een doorbraak is in de Nederlandse rechtgang. ‘Een advocaat mag nu vòòr een verhoor een half uur met een cliënt spreken en tijdens het verhoor ingrijpen als er ongeoorloofde druk wordt uitgevoerd op de verdachte. Bovendien worden de verhoren voortaan opgenomen met een videocamera. Dat is een enorme verbetering.’ Advocaat Willem Jebbink van Spong Advocaten is minder enthousiast. ‘Het is fijn dat we er bij mogen zijn, maar we mogen geen contact hebben met onze cliënt. Daarmee wordt voorbij gegaan aan een principieel recht van de advocaat, namelijk dat de advocaat zijn cliënt bijstaat en dat kan nu nauwelijks. Ook is niet geregeld wie er in de verhoorkamer bepaalt of de druk die door de opsporingsambtenaren wordt uitgeoefend toelaatbaar is of niet. De advocaat kan bij discussie vrij makkelijk uit de verhoorkamer verwijderd worden.’ Jebbink spande een kort geding aan, maar de rechter gaf hem gisteren ongelijk. Jebbink en zijn kantoor overwegen in hoger beroep te gaan. Het experiment met de advocaten in de verhoorkamer duurt twee jaar en wordt gevolgd wordt door WODC, het wetenschappelijk instituut van het Ministerie van Justitie.