‘Alles willen hebben, hebben, hebben’
De aandrang tot kopen bepaald ons leven, vindt Diederik Stapel. Hij is hoogleraar consumentenwetenschappen en houdt vandaag zijn oratie op de universiteit van Tilburg, waar hij onderzoek doet naar de psychische kanten van de economie. Eenvoudige experimenten waarbij mensen bijvoorbeeld een appel of een schoen te zien krijgen in een advertentie of met een prijskaartje. Die onderzoeken laten zien dat mensen hierdoor geprikkeld raken om te kopen en alles te willen hebben. Hun gedrag verandert, want zij worden competitiever en egoïstischer en ze hebben minder de neiging om rekening te houden met het milieu of met andere mensen in hun omgeving. De prijsindicatie activeert het idee dat alles te koop is en dat leidt tot economisering. ‘Het gevoel dat je iets graag wil hebben’, verduidelijkt Stapel. Hij is niet de enige die signaleert dat we steeds meer gaan consumeren, ook politici merken dat. Femke Halsema van GroenLinks komt bijvoorbeeld binnenkort met een manifest tegen de consumptiemaatschappij. ‘Een mooi pleidooi’, vindt de wetenschapper. ‘Welvaart is heel fijn, maar het heeft ook negatieve bijeffecten en daar richt mevrouw Halsema zich blijkbaar op.’ Volgens Stapel moeten we nadenken over hoe de toekomst er straks uitziet met oog op de volgende generaties. Hij refereert aan de klimaatveranderingen en de toenemende schaarste van grondstoffen. ‘Wat dat betreft is het natuurlijk twee minuten voor twaalf.’